Aad Oosterbeek

Citaat uit het verhaal In het hart van de stad: ‘Op een gegeven moment hebben wij de eer gekregen, want dat was het toch wel, om op die zevende mei een erehaag te vormen als de minister-president, professor Gerbrandy, een bevrijdingstoespraak zou houden. Op de Dam en vóór het paleis, dát is toch wel het centrum van Nederland. Die verzetsgroep was gevestigd hier om de hoek in de Nieuwe Doelenstraat nummer 5. We zijn van hier, in uniform van de Binnenlandse Strijdkrachten, in colonne over het Rokin gelopen en zo naar de Dam. En trots, laat ik het maar zeggen, trots. In de eerste plaats omdat we het hadden overleefd. En in de tweede plaats omdat de Duitsers níets meer te zeggen hadden.’

15bAad Oosterbeek, (Adrianus Jurinus, 1919-2003) oud-verzetsman, onder de schuilnaam Gerrit van Everdingen lid en later commandant van de Verzetsgroep van De Nederlandsche Bank, vroeg schrijver Else Flim een verhaal over zijn belevenissen in de oorlog te schrijven. Tijdens de interviews die zij in 2002 en 2003 afnam keerden zijn gedachten steeds terug naar de dramatische gebeurtenissen op 7 mei 1945 op de Dam. Oosterbeek verleende in 2002 zijn medewerking aan een korte film over De beschieting op de Dam (RTVNH). Else Flim maakte een combinatie van de informatie uit haar interviews, de ongepubliceerde levensbeschrijving van Oosterbeek zélf en deze filmopnamen. Zo ontstond het verhaal In het hart van de stad waarin eerst de vreugde over de vrede op 7 mei 1945 wordt gevierd.

Citaat: ‘Die vreugde, die vrijheid, die bruiste in je, het tintelde door je hele lijf. Een fééstdag zou het worden! De feestdag van je leven.’

De ontgoocheling die volgde zou vele levens totaal veranderen en voor nabestaanden blijvende traumatische gevolgen hebben.

Citaat: ‘Het was hier volgestroomd met mensen en het zag er allemaal even mooi en leuk uit totdat opeens rond drie uur, pang, mitrailleurs ratelden en de mensen getroffen werden. De meeste slachtoffers vielen in de richting van de Nieuwendijk. Dáár lagen ze. Iedereen vluchtte weg. Alles spatte uiteen.’

Aad Oosterbeek (tweede van rechts) was commandant van ‘Verzetsgroep Nederlandsche Bank’

Ook het gevoel van trots omdat alle leden van de verzetsgroep de oorlog hadden overleefd, verdween meteen toen bleek dat Willem van den Bogaard tot de slachtoffers behoorde. Aad Oosterbeek moest in de Zuiderkerk, zoals hij zei, ‘onze omgekomen man’ identificeren. Citaat: ‘Hij was pas 30 jaar. Vader van twee jonge kinderen.’

Ondanks allerlei theorieën over de redenen van de schietpartij heeft de regering géén onderzoek laten verrichten en was zelfs het juiste aantal slachtoffers niet bekend.

Citaat uit het verhaal In het hart van de stad: ‘Het heeft me altijd verbaasd dat er later geen volledig onderzoek is gepubliceerd. Maar let op mijn woorden,’ zei hij. ‘Op een dag zal er iemand komen die dit allemaal gaat uitzoeken. Zo’n rapportage zou ik willen lezen, maar ik denk dat ík het niet meer zal meemaken.’

Tekst: Else Flim

In het hart van de stad is in zijn geheel opgenomen in het boek van de stichting dat in het voorjaar van 2017 is verschenen.

Fotomateriaal ter beschikking gesteld door de familie van Aad Oosterbeek.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.