Gerard Wiegel

Gerard Wiegel *1926

Via Rob Kist kwamen we in contact met zijn oom, Gerard Wiegel, die samen met zijn zus, Robs moeder Hendrika Maria Wiegel (1930-2011) op de Dam was op 7 mei 1945.

Screen Shot 2016-08-07 at 20.22.54Gerard Wiegel: We woonden toen in de 2e Jan Steenstraat 52-hs. Burgemeester de Boer zou spreken en mensen dansten op het podium. Enkele BS-ers kwamen en wilden de Duitsers bij de Grote Club ontwapenen; dat wilden ze niet, alleen door een hoge officier, heb ik van horen zeggen. Het werd een schietpartij, ik stond in het midden en werd in een groep meegesleurd in rechte lijn naar de andere kant, naar de Bijenkorf. Ondertussen viel je over lege kinderwagens, fietsen en mensen op de grond. Aan de overkant vielen we over en op elkaar. De bovensten riepen ‘we kunnen hier niet blijven, er wordt geschoten’. Toen zij opstonden zag ik ook weer lucht en konden we wegkomen naar een steeg. Daar hebben we ergens binnen voor ons gevoel uren op een trap gezeten. Dat mijn zus ook op de Dam was kan ik me minder goed herinneren, kan mijn leeftijd zijn. Ik heb er niets aan overgehouden maar was wel mijn sjaal kwijt.

 

Drie dagen eerder, op 4 mei 1945, was Gerard ook getuige van de moord op Sigi Mendels.
Rob Kist: Door de berichtgeving van de capitulatie waren er mensen na spertijd op straat in de Quellijnstraat. Daaronder bevond zich Sigi Mendels van Portugees-Joodse afkomst. Hij was de hele oorlog ondergedoken geweest, maar was nu op straat. Een Duitse patrouille die over de Ceintuurbaan reed loste een salvo in de mensenmassa en trof Sigi Mendels in zijn rug. Hij heeft tot augustus 1945 geleefd en is toen overleden. [Red: Siegfried Maurits Mendels, geboren 11 november 1928, zoon van Willem Johannes Mendels en Sara Bueno de Mesquita, woonde 2e Jan Steenstraat 48-III en overleed op 1 januari 1946. Zijn moeder was een van de overlevenden van Theresienstadt.]

Screen Shot 2016-08-13 at 15.54.21
Knipsel uit Trouw, 5 mei 1945. Bron: Delpher betreft de schoten waardoor Sigi Mendels getroffen werd.
 

Gerard Wiegel vult aan:
Sinds oktober was ik thuis. Ik werkte bij de verzekeringsbank en bracht daar post rond. Maar mijn schoenen waren versleten en de bandjes stuk dus kon ik niet meer daar heen. (Na de bevrijding kreeg ik mijn ontslag ‘wegens werkverzuim’). Ik tekende veel, ben nu nog steeds illustrator. Mijn vader had geen werk meer en er was honger. Ik heb toen broodbonnen getekend, dat was priegelig werk. Als papier gebruikte is de oude dossiers van mijn werk. Het lukte mijn vader om brood te krijgen voor mijn getekende bonnen. Toen zijn zus eens kwam zei ze ‘o, die spaar ik ook’.  Zij kon de bonnen ruilen voor ander eten. De buurvrouw maakte soep in de gaarkeuken en ook met haar ruilden we onze zelfgemaakte broodbonnen. Ik ben er niet trots op, maar het was noodzaak. Ik heb me vaak afgevraagd hoe anderen konden overleven. Na de oorlog kreeg ik nog TB aan mijn been en heb anderhalf jaar in het OLV gelegen. Maar ik heb de oorlog overleefd.

Mei 2016

Views: 1465

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.