AT5

5 Mei 2005 zond AT5 onderstaande documentaire uit,

We kregen deze film binnen via Joop Bobeldijk, hij vertelt hier over de dood van zijn vader door de schietpartij. Achtereenvolgens komen aan het woord:

filmstrip_1000

De tekst van de documentaire is toegevoegd aan deze pagina.

 

Deze documentaire is diverse malen uitgezonden

Tekst website: Anders dan de rest van Nederland wordt Amsterdam pas op 7 mei 1945 bevrijd. Tijdens een feest op de Dam die dag wordt er door achtergebleven Duitsers geschoten op de menigte. Er vallen 19 doden.

Onderwerp: schietpartij op de Dam,

V= Rogier Timmermans, voice-over
L= Frits Lemaire, fotograaf
M= Karel Marquenie, ooggetuige
EM= echtgenote van Marquenie
HM= Henk J. Meier, ooggetuige
B= Joop Bobeldijk, zoon slachtoffer BS
K= René Kok, historicus

totale duur 21.48 minuten

M “Een paar duizend mensen bevonden zich op de Dam. Om feest te vieren. Ik was 24 maar ik zag wel dat het fout ging.”

L “De mensen verspreidden zich als een bliksemschicht over de Dam. Overal vielen mensen neer.”

B “Mijn vader is eigenlijk doodgeschoten zonder een logische reden. Het had nooit mogen gebeuren.”

V “7 mei 1945, een paar dagen na de capitulatie, staan duizenden Amsterdammers op de Dam te wachten op de bevrijders. Het is feest. Maar dan wordt er plotseling geschoten. Mensen vluchten. 22 kunnen er niet op tijd ontkomen en worden dodelijk getroffen. Vast staat, dat de schoten worden gelost door de Duitse Kriegsmarine vanuit dit gebouw, de Groote Club. Maar wat de aanleiding is geweest voor de tragedie, blijft tot op de dag van vandaag een raadsel.”

Het verhaal van 7 mei
L “Dit is de foto die ik van mijn spreekstoel heb gemaakt.”
H “Hoe lang na het schieten is dit?”
L “Hoe lang na het schieten, ik weet het niet. Ja, ik denk dat het al vrij lang daarna is want hier zie je militairen die bezig zijn, of mensen van het Rode kruis die bezig zijn de gewonden te bergen. “

V” 6 mei. Door de hele stad gonzen de geruchten, ‘de geallieerden komen’. Na vijf jaar bezet te zijn geweest, zou ook Amsterdam nu eindelijk weer vrij zijn. “

L “Ik werd door Van Moerkerke, een vrij bekende filmer, die kwam bij me en zei ‘Morgen, we verwachten dat de Canadezen hier zijn en we gaan daar een reportage van maken, wil je mee doen?’ Nou, natuurlijk wou ik dat graag. En toen kwam ik bij een schoolgebouw, ik weet bij God niet meer waar het was, en daar werden de orders uitgedeeld wat je moest doen. Toen kwam ik op de Dam en klom daar op een spreekgestoelte en ik begon die mensen te fotograferen.”

M “Ik was 24 en ik stond onder de Groote Club vlakbij Peek en Cloppenburg. Er waren wel honderden mensen. Daar bij de Bijenkorf, het hele plein, tot aan Kraz[napolsky], tot aan Peek en Cloppenburg, vol met mensen, behalve het Paleis was vrij. Je ging niet naar de Albert Cuypmarkt want die was er niet, je ging altijd naar de Dam en naar het Damrak.”

L “Er was een ontzettende leuke sfeer. Iedereen zei ‘O, de Canadezen’, velen dachten dat het de Engelsen waren, maar het waren de Canadezen, ‘die komen direct hier op de Dam’. En dan is het feest. Er waren mensen met kleine handeltjes die ze nog hadden en zo, en er stond een draaiorgel”.

M “Je stond er te kijken, de mensen die er waren liepen niet weg, er was niks aan de hand. Ze waren aan het feest vieren. “

V “Terwijl meer en meer mensen toestromen, wordt vanaf het dak van de Groote Club toegekeken. “

M “In de Groote Club zat de Kriegsmarine en die hebben natuurlijk ontzettend veel kameraden verloren, dus er zaten wel heel erg gefrustreerde zeelui. Zij hebben zich natuurlijk ontzettend opgewonden over die vrolijke Nederlanders”.

V “Ondertussen worden achter het Paleis Duitse soldaten ontwapend. Dit gebeurt door leden van de BS, de Binnenlandse Strijdkrachten, die zich die dag voor het eerst op straat laten zien. Maar daar blijft het niet bij. Frits Lemaire ziet hoe een Duitser van zijn auto wordt geschoten.”

L “Die werd niet opgeraapt door zijn kameraden. Die reden hartstikke snel weg om zichzelf in veiligheid te stellen. “
V “De Duitsers waren al bang?”
L “Die waren al bang ja”.

L “Op een gegeven ogenblik kwam er een Duitser naar buiten met een mitrailleur op statief; die staat keurig achter de Spaanse Ruiters, dat prikkeldraad dat daarvoor staat, en meteen begon hij in de menigte te schieten.”

M “Ik ben blijven staan, ja, want ik stond veilig. Kijk, als ik weggelopen was, had ik ook misschien een kogel gehad. Want dat maaiveld was enorm groot. De hele Dam was vrij. “

L “Voor mijn gevoel heb ik daar uren gezeten. En uiteindelijk, iedereen die zich verschanst had op de Dam, werd door de Duitse commandant en een Hollandse commandant weggehaald, en toen was het afgelopen, de schieterij.”

V “Tussen de rennende menigte bevindt zich ook Henk Meier, dan acht jaar oud.
HM “Ik schaamde me rot voor dat vingertje en ik weet nog goed, op de tram had je een grote chroom paal op het achterbalkon waar je je aan vast kon houden. Jarenlang heb ik me zo vastgehouden: dan ging die vinger achter de paal, dat ze niet zagen van dat stompie.”
” Plotseling loopt er een kerel tegen mijn hand aan, pats, mijn hand vliegt omhoog, en zo jong als ik ben, lichtelijk assertief, zeg ik: ‘Ken je niet uitkijken, klootzak’. Ik kijk naast me en er is helemaal geen klootzak, er is helemaal niemand. Ik heb nog niets in de gaten. We rennen door, ik kom aan de andere kant, Vijgendam en dan de Nes in, en dan plotseling staat er een houten DKW. En nou weet de jongere generatie helemaal niet wat een houten DKW is, een Duitse Kinder Wagen noemden we dat. Dat was een autootje met een houten ombouw van buiten, een soort Engels landhuisje op wielen. Er stond een man naast in een zwarte leren jas. Die kerel die zegt tegen mij ‘stap maar in’. Ja hé, dat is van de verkeerde kant. En dan bedoel ik niet sexueel, maar dat was Gestapo of zoiets. Ik zeg ‘wat moet jij engerd, voor jou is het afgelopen’. Hij zegt ‘kijk eens naar je hand’ en ik kijk naar mijn hand, zie dat het topje van mijn ringvinger, dat hing er bij met flarden en het bot stak er uit en het bloed spoot er uit. Ik had er helemaal niets van in de gaten gehad. “

V “Niet alleen burgers worden geraakt. Ook onder de leden van de Binnenlandse Strijdkrachten vallen slachtoffers. “

B “Ik weet wel, dat ik niet wist waar mijn vader was, want ze waren overal gegroepeerd. Ik weet wel, dat op de Bilderdijkkade, bij de Stadsreiniging, een grote groep van BS-ers samengetrokken was. Dat was dus een van de plaatsen, ik woonde er ook in de buurt, waar ik misschien informatie zou kunnen krijgen. Daar heb ik ook geïnformeerd waar mijn vader zou kunnen zijn, maar ja, dat was natuurlijk geen militaire noodzaak, dus men gaf mij gewoon geen informatie.”
V “Was u ongerust?”
B “Nee, nee, want de mogelijkheid bestond dat hij elders was in de stad, misschien in het oosten, of in het havengebied. Ik kreeg ‘s avonds bericht dat hij overleden was, toen kwam een oom mij vertellen wat er gebeurd was. Dat was eigenlijk de eerste informatie die ik kreeg van hoe het was geweest. Mijn oom die mij dat ’s avonds mededeelde op 7 mei, die zei ‘ik kom je morgenochtend halen, dan gaan we er samen naar toe. En dat hebben we toen gedaan. Hij was de enige in de familie die nog een fiets met banden had, dus ik kon achterop de fiets door de Leidsestraat. Dat was nog heel moeilijk, want die stond vol van juichende mensen natuurlijk”.
“De doden waren allemaal in een zaal, daar lagen ze op de vloeren. Al die mensen lagen onder grote lakens. Je moest zelf uitzoeken waar de doden lagen en wie wat was en waar lag. En dat was ook in de Nieuwe kerk het geval, daar moeten ook veel mensen op de grond hebben gelegen. Tja.”.

V “Hoewel vaststaat, dat de Duitsers geprovoceerd werden, is er nog altijd geen duidelijkheid over de directe aanleiding voor het incident. “
K “Nee, dat is een wonder. Je zou dus denken als je journalist bent in Amsterdam, en die kranten moeten vol, en die kranten beginnen weer, het Parool komt bovengronds, de Waarheid, het Vrije Volk, nou, dan ga je er over schrijven, je doet er onderzoek naar, je duikt er in. Je kunt iedereen vinden, je kunt bij een begrafenis aanwezig zijn want die 22 burger slachtoffers werden natuurlijk begraven. Niets van dat alles. Het lijkt net of men dat alles gewoon collectief uit het geheugen heeft willen wegpoetsen. “
B “Ja, dat is natuurlijk vreemd. Het is natuurlijk toch een oorlogsmisdaad, een pure oorlogsmisdaad, maar aan de andere kant denk ik ook wel dat er zoveel te organiseren viel, het gezag moest hersteld worden, de organisatie in zijn totaal moest door iedereen goed in de vingers gekregen worden, dus dat heeft men als een minder belangrijke zaak terzijde geschoven. De pers was natuurlijk niet zoals het nu is, het waren kleine blaadjes, het Parool werd nog altijd in een nooduitgave gedrukt. De capitulatie, de vreugde, dat was het grote onderwerp. Het combineerde ook niet zo best met het vreugdegevoel met wat de Nederlanders zouden moeten hebben”.

V “Toch duikt er in 1968 ineens een brief op met daarin een mogelijke verklaring van het incident. Karel Marquenie beschrijft hierin aan historicus Lou de Jong wat er volgens hem die dag gebeurde.
M “Geachte heer, Hoewel alweer 23 jaren geleden, verbaast het mij, dat de bevrijding van Amsterdam, gevierd onder andere op de Dam, overtrokken is ten nadele van de Duitsers. Nergens heb ik de ware toedracht gelezen. Op die bewuste middag was ik 24 jaar oud, dus geen kind meer. Ik zie alles weer voor mij, als de dag van gisteren. Een lege vrachtauto. Op deze voortgeduwde wagen waren aangevoerd onder grote hilariteit van het publiek, vrouwen die omgang met Duitsers hadden gehad. Deze vrouwen werden berecht voor een soort tribunaal. De hoofden werden kaal geknipt en gemenied; dit gebeurde niet zo zachtzinnig. Het bloed stroomt over hun gezicht. De vrouwen schreeuwden en riepen om hulp. Dit alles onder de ogen van de Duitsers. De afstand bedroeg niet meer dan 40 a 50 meter. De Duitsers riepen om de vrouwen met rust te laten; dit gebeurde echter niet. Het tumult en het gekrijs der vrouwen werd heviger. Toen werd er geschoten. In geen enkel verhaal kom ik tegen waarom de Duitsers schoten.“
V “Waarom schreef u deze brief?”
M “Om bekend te maken hoe het werkelijk was gegaan. Nou kijk, als ze naar die Groote Club gaan en niet wachten, ze rijden speciaal van het Rokin, onder de Grote Club door, zetten daar die wagen neer, met die vrouwen, en beginnen dan op een harde manier die vrouwen kaal te knippen dat het bloed langs hun gezicht loopt, en die vrouwen roepen om hulp aan die Duitsers daarboven, dan loop het mis. En als je dan gaat roepen ‘dat doen we met jullie ook’, dan vraag je om narigheid.”

HM “Als je zegt, dat er een kar moet zijn geweest met Moffenhoeren, zoals ze heetten in die tijd, ik heb hem niet gezien, maar dat is ook weer met kennis van achteraf, maar ik ben vrijwel zeker dat die er niet is geweest. Om een simpele reden, dat de helden die toen die vrouwen kaalschoren en met teer insmeerden, dat waren de helden achteraf, toen was het veilig. En op 7 mei was het nog niet veilig. Er zal misschien iemand een ander een klap hebben gegeven maar dat ritueel kaalscheren en insmeren met teer van Moffenhoeren, dat was de dappere daad van een stel verzetslieden die, zoals dat in Duits heet ‘und als man sich dann wieder fand, dann waren Sie beim Widerstand”. Met andere woorden, dat zijn de helden na de oorlog. En ik weet dus praktisch zeker, dat zou een idioot verhaal zijn. Als dat waar zou zijn, dan zou je die mensen moeten kunnen opsporen, want die waren dan kennelijk zo door het lint, dat ze dapper durfden te zijn terwijl er nog geschoten werd, terwijl er nog Moffen in de stad waren. Nee, dat speelt later.”

B “Waar zijn die vrouwen gebleven? In het foto- en filmmateriaal, wat ik gezien heb, die hebben nooit aangetoond dat die vrouwen daar aanwezig zouden zijn geweest. Het is mogelijk, dat weet ik niet, maar dat lijkt mij niet.”

M “De meesten hebben dat niet eens gezien. Mijn vrouw heeft het gezien, voor het Paleis dat stuk, dat was vrij, net zoals dat altijd vrij is voor het Paleis, die baan. Zij stond bij de grote kerk en die kon zo die kar ook nog zien in de verte. Maar dat was een gewoon schouwspel, he, als er vrouwen kaalgeknipt werden, denk ik, hier en daar. “
V “U heeft het ook gezien?”
EM “Ja, nou niet zoals mijn man, ik stond bij de Nieuwe kerk. Mijn vader zag het aankomen. Die zag de kar met die meisjes erop. Hij zei ‘dat wordt hier een foute boel, we gaan gauw weg’. “
M “En als je nou gaat zeggen van, ja, zou het wel, en ik heb geen andere dingen, geen andere foto’s en geen filmmateriaal, ja zoveel was er ook niet in die tijd, met filmmateriaal dat ze klaarstonden. En dat was misschien in een tijd van vijf minuten allemaal geregeld. In vijf minuten. Die kar was er in een paar minuten onder de Groote Club en die was in een halve minuut weer weg.”
V “Er bestaan filmopnames van kaalgeschoren meisjes. Zelfs op de Dam. Maar allerminst staat vast dat deze opnames ook op 7 mei werden gemaakt. De vraag, of er daadwerkelijk vrouwen zijn kaalgeschoren die dag, blijft daarmee onbeantwoord. “

K “Ik denk dat je daar nooit meer achter komt. Ik denk ook dat het niet de wezenlijke vraag is. Je moet het allemaal zien in die hele verwarrende situatie tussen de avond van de vierde mei en de zevende mei. De geallieerden zijn er nog niet, de BS-ers willen de Duitsers ontwapenen, die Duitsers accepteren dat niet. En het is bij het Vondelpark gebeurd, het is bij het Centraal Station gebeurd, het is bij het Hekelveld gebeurd, overal incidenten met dodelijke slachtoffers.”

B “Mijn vader is eigenlijk doodgeschoten, zonder logische reden. In een naoorlogse situatie. Dat dat toch nog gebeurt als een soort van oorlogshandeling. Ik kan het niet rijmen. Het had nooit mogen gebeuren.”

V “Een dag na de schietpartij vetrekken de mariniers uit de Groote Club en gaan op weg terug naar Duitsland. Voor het bloedbad zal nooit iemand worden veroordeeld.”

Aftiteling:
Interviews, camera, montage en voice-over, Rogier Timmermans
Redactie Leonie van Noort
On-line montage Dick van der Voort
Met dank aan NIOD en Gemeente Archief Amsterdam
www.amsterdamspeil.at5.nl
dit was een AT5bv produktie © 2004

 

Amsterdams Peil http://www.at5.nl/tv/amsterdams-peil/aflevering/1343
Amsterdams Peil is voorlopig gestopt, de eerder uitgezonden afleveringen zijn hieronder te bekijken.
Amsterdams Peil is het documentaire programma van AT5 met daarin: maatschappelijke kwesties, actuele gebeurtenissen en interessante mensen. De documentaires worden gemaakt door een klein team camera-journalisten: camjo’s.

 

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *