Dominee Rients Dijkstra

boek.22440.largeRients Dijkstra was op 7 mei ’45 in de Nieuwe Kerk, zijn verslag heeft hij opgenomen in het boek:
“O, dat stuwend Amsterdam”

 

 

 

 

 

Op de 7de. Mei 1945, na de bevrijding, toen het ministerie zijn gewone vergadering hield, was de Dam vol van een juichende menigte.
Maar ieder kind stond met een vlag
Te wuiven naar een nieuw geluk
Hoe brak op dezen eersten dag
De boel van vijf jaar knechtschap stuk.
*)
We zagen de illegale strijdmachten wagens aanhouden en Duitsers gevangen nemen, toen plotseling handgranaten tussen de menigte geworpen werden en het geratel van mitrailleurs ons opschrikte.
De Duitsers in de “Groote Club” vuurden vanuit de ramen. Een angstgehuil steeg uit de menigte op, die in allerijl de vlucht nam. Door de deur van de kosterij en het raam dat ingeslagen werd viel de menigte naar binnen. De Nieuwe Kerk stroomde vol met vluchtelingen.
“Liggen,” hoorde ik opeens roepen. Ik wierp mij op de grond en zag al mijn collega’s naast mij in allerlei houding op de grond, behalve een oudere, die voorzichtig zijn stoel bij de muur tegen het raam schoof en overzicht nam van de Dam. Ik dacht, dat is vast voor een artikel in de „Gereformeerde. Kerk”, maar liet die lichtzinnige gedachte varen, toen opnieuw een salvo losbrak. Na 10 minuten stilte stonden wij weer op. Op de Dam lagen een 20-tal doden en gewonden verlaten en eenzaam.
Padvinders met witte vlaggen boden hun hulp. Al spoedig kwam de geneeskundige dienst aanrijden. Een Duits officier en het hoofd van de illegalen, met een marechaussee voorop de motor, witte vlag in de hand met de uitroep “niet schieten” begaven zich naar de “Groote Club”. De marechaussee werd doodgeschoten.
Ik ging naar beneden om in de Nieuwe Kerk de gewonden te bezoeken en de verontruste gemoederen te helpen kalmeren. Toen ik weer bovenkwam lag de voorzitter gewond op een paar stoelen. Hij was getroffen door een kogel, die door het open raam kwam, maar gelukkig slechts een vleeswond veroorzaakte aan de dij en in de deur achter hem bleef vastzitten. ‘t Gebeurde juist op het moment dat hij was gaan staan om naar buiten te kijken en dat redde hem het leven, anders zou de kogel dwars door zijn hart zijn gegaan. Na door een zuster verbonden te zijn, liet hij zich kalm op een transportfiets naar huis brengen en mocht gelukkig na enkele weken herstellen. In het heetst van het gevecht hoorde ik een paar collega’s vol verontwaardiging uitroepen: “Dat noemen ze wapenstilstand.” Ja, zijn we nu nog niet tot op deze dag op zo’n “Wapenstilstand” ingesteld, waarin telkens nog doden vallen?

*) Citaat Anton van Duinkerken

Bron: “O, dat stuwend Amsterdam” 1924-1949, vanaf pagina 110
Boek ter beschikking gesteld door mw. M. Veltman

Red: In de oorspronkelijke tekst stond: Op de 9de. mei 1945, na de bevrijding. Dit moet een vergissing van de schrijver zijn.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *